Loading...

Vlamloze drukontlasting met starre filterelementen

In de filtertechnologie worden filter units het meest gebruikt bij de scheiding van deeltjes bij aspiratie en het afzuigen van objecten. Hoewel in de basis deze installaties vergelijkbaar zijn, verschillen ze echter hoofdzakelijk in de ontwerpen, kenmerken en werkingslimieten van de gebruikte filterelementen.

De meest gebruikte filterelementen onderscheiden zich door hun geometrie en filteroppervlak, maar zelden door de chemische structuur van het basismateriaal. Meestal wordt textiel als filtermedium gebruikt. Deze zijn flexibel en vereisen een steunelement dat het textiel de nodige geometrie geeft. Het Herding gesinterde lamellaire filter is anders. Dit filterelement is een stijf lichaam en het filtermateriaal is meteen het vormlichaam. Deze andere structuur heeft een grote invloed op de wijze van filtreren en het afreinigen van het filterelement.

Het beste filtermedium voor stoffiltratie is namelijk het afgescheiden stof zelf. Met de snel vormende filterkoek wordt een klassieke oppervlaktefiltratie bereikt, die zeer wenselijk is voor een lage stofemissie.

Het reinigen van het afgescheiden stof wordt ook bepaald door de structuur en de oppervlaktegesteldheid van de filterelementen. Met flexibele filters wordt het afgescheiden stof opgewerveld tijdens het reinigingsproces en wordt een stofwolk met fijn verdeelde stofdeeltjes gegenereerd. Bij de starre Herding filterelementen komt het echter tot een schaalachtige reiniging van afgezet stof. Een vernieuwde opwerveling van stof vindt daarom niet plaats, maar de geagglomereerde stofdeeltjes vallen bijna volledig neer in de filtertrechter en kunnen daar worden afgevoerd.

Afhankelijk van het ontwerp en het filtermedium is daarom een meer of minder sterke stofopwerveling te verwachten in het filterhuis. In het geval van metaal- of organische stof kan dit een explosieve atmosfeer creëren. In verband met de stofbelasting van de afgezogen proceslucht moeten de stofexplosiegevaarlijke zones worden gedefinieerd in het filtersysteem voor de vuile en schone luchtkamer.

Naast de waarschijnlijkheid van het optreden van een explosieve atmosfeer in de vuile- en schone luchtkamer, moet ook de waarschijnlijkheid van het optreden van potentiële effectieve ontstekingsbronnen worden beoordeeld. Afhankelijk van de veiligheidskenmerken van het stof / luchtmengsel en de gelijktijdigheid van het bestaan ​​van een zone en effectieve ontstekingsbronnen, moeten beschermende maatregelen worden genomen. Naast preventieve maatregelen om de kans op een explosiegebeurtenis te verminderen, kan het nodig zijn om constructieve maatregelen te gebruiken om de impact van een explosie te verminderen.

Voorwaarde voor de toepassing van constructieve beschermingsmaatregelen op filterunits is de weerstand tegen een explosie of ontploffing van de filterunit overeenkomstig de EN14460. Afhankelijk van de aard en het ontwerp van de filterunit zijn berekeningen, als ook een statische hydrotest en "dynamische explosietesten" mogelijk. Bij gebruik van beschermingssystemen volgens ATEX, zoals de breekplaat bij de explosiedrukontlasting of componenten voor explosieonderdrukking, moeten relevante voorschriften worden nageleefd binnen de toepasselijkheid hiervan. Daarnaast moet er op de grensvlakken van de filter unit, bij het leidingwerk en de stofafvoer, er voor gezorgd worden dat de druk- en/of vlamgolf wordt gestopt. Dit betekent dat het leidingwerk tussen het filter en het ontkoppelingsorgaan in dezelfde sterkte moet worden uitgevoerd als het filterhuis zelf. De inbouwafstand in het leidingwerk tussen filterunit en ontkoppelingsorgaan is afhankelijk van de leidingdiameter en de explosiekengetallen van het stof / luchtmengsel.

Terwijl bij de explosieonderdrukking de explosie binnen het te beschermen object blijft, vindt er bij explosiedrukontlasting een vrijgave plaats van de druk- en de vlamgolf naar buiten. Een geschikte veiligheidszone moet vóór de breekplaat worden bepaald en worden afgezet, zodat door de druk en de vlam geen schade aan mens en machine wordt toegebracht, maar helaas wel het onverbrande en het verbrande stof vrijkomt.

 

De klassieke vorm van drukontlasting is een breekplaat op het te beschermen object. Dit is eenvoudig te implementeren bij buiten opgestelde filter units, vanwege het grote beschikbare veilige gebied. Als er filtersystemen in een ruimte worden geïnstalleerd, kan afhankelijk van de afstand tot de buitenmuur een uitblaaskanaal worden aangesloten op de breekplaat, die de druk en de vlamgolf en het onverbrande en verbrande stof naar buiten afvoert. Daarnaast moet een overeenkomstige veiligheidszone worden gedefinieerd vóór het uitblaaskanaal en moet rekening worden gehouden met de grenzen van de toepasbaarheid.

Bij een opstelling van het filter binnen kan de afstand voor een uitblaaskanaal naar buiten te lang zijn en moet er een vlamloze drukontlasting worden gebruikt. De bestaande producten op de markt bestaan ​​uit een breekplaat i.c.m. een stroomafwaartse "vlamdover". Hier wordt tijdens een explosie de hoge vlamtemperatuur over een groot oppervlak (bijvoorbeeld gaas) abrupt verlaagd. Hiermee neemt het volume van de geëxpandeerde lucht in de explosie ook abrupt af en wordt de explosiedruk verminderd. De vlamdover heeft ook een vlam vertragend effect, maar het verbrande en onverbrande stof - hier rook - kan niet worden tegen gehouden. De conventionele vlamloze drukontlasting is dus altijd in combinatie met stof- en rookafgifte in de opstellingsruimte.

Herding FLAMESTOP en Herding FLAMELESS

Hoe kan de vlamloze drukontlasting worden verbeterd en verder worden ontwikkeld? Het basisidee is gebaseerd op het leiden van de explosie door de filterelementen. Hiermee worden de verbrande en onverbrande stofdeeltjes tegengehouden en wordt de vlam verstikt om vervolgens uitsluitend de druk naar buiten te leiden via een breekplaat die in de schone luchtkamer is ingebouwd.

Dit heeft geleid tot het zelf ontwikkelde en gepatenteerde Herding gesinterde plaatfilterelement met zijn ultra lage reststofemissie in combinatie met vlam dovende eigenschappen. Het starre filterelement in de "PEX" uitvoering is uitgebreid getest bij meer dan 200 gas- en stofexplosietesten met verschillende parameters en vanuit hier verder ontwikkeld. Het effect als vlamdover is bewezen in overeenstemming met EN ISO 16852. Het is gedocumenteerd met de bijbehorende EU-verklaring van typekeuring, evenals een extra systeem voor kwaliteitsborging (module D). Hiermee zijn de ingebouwde filterelementen in de uitvoering "PEX" een beschermingssysteem die aan alle ATEX richtlijnen voldoet.

Het veiligheidssysteem Herding FLAMESTOP is noodzakelijk voor een schoneluchtzijdige vlamloze drukontlasting bij de filtersystemen van Herding. Het is bewezen dat in het geval van een aan de schone luchtzijde geïnstalleerde breekplaat een explosie in de vuile luchtkamer volledig kan worden opgeheven door de gesinterde lamelfilters. Daarbij wordt de vlam gestopt en de druk in de kamer wordt afgevoerd met de breekplaat geïnstalleerd in de schone luchtkamer. De geïnstalleerde sinterplaatfilters van Herding worden in geval van een explosie aan meer dan 100 keer de belasting van de proces gerelateerde luchtpassage onderworpen, maar er zijn niettemin aanwijzingen dat er geen verhoogde stofoverdracht naar de schone gaszijde plaatsvindt. Deze speciale eigenschap van de Herding-filtersystemen met vlamloze en rookvrije drukontlasting wordt Herding FLAMELESS genoemd. De ontkoppeling van de explosie moet ook worden toegepast en er moet rekening worden gehouden met de grenzen van de toepasbaarheid.

Het Herding gesinterde lamellenfilter kan moeilijke filtratietaken aan, vanwege zijn uitstekende eigenschappen. Het beschermingsysteem FLAMESTOP en het filtersysteem met Herding FLAMELESS zijn het unieke antwoord op de behoefte aan vlamloze en rookvrije drukverlichting in filtertechnologie.